Waarnemingen Hier worden alle waarnemingen gedaan door leden van de werkgroep en opmerkelijke waarnemingen van anderen weergegeven. 23 augustus 2020. Vanuit Nijmegen is een bedekking waargenomen van de bijna 60 km grote planetoïde (932) Hooveria. Ook op andere plaatsen is geprobeerd Hooveria waar te nemen, echter op de meeste plaatsen was het bewolkt. De waargenomen bedekkingstijdstippen kloppen goed met de voorspelling. De duur van de bedekking was 2,24 s, iets langer dan voorspeld, maar nog binnen de onzekerheidsmarge. 23 juni 2020. Vanuit Zeddam wordt een bedekking van 2,6 seconden waargenomen van een ster door de planetoïde (1211) Bressole. De bedekking is opmerkelijk omdat het berekende schaduwpad met een breedte van 87 km, over de Duitse stad Koblenz heen zou gaan, en Zeddam 146 km vanaf de Noordrand van het schaduwpad afligt. Meestal is de afwijking bij laag genummerde planetoïden kleiner. De korte duur van de bedekking geeft wel aan dat deze plaats gevonden heeft aan de rand van Bressole. Negen waarnemers hebben geprobeerd de bedekking waar te nemen, maar bij de overige acht gaat Bressole (onverwacht) net langs de ster. De helderheidscurve van de Bressole bedekking. Elk puntje is 1,28 s. Op de horizontale is staat het framenummer van de video opname, en verticaal de helderheid. 22 april 2020 Vier waarnemers uit Nederland, België, Duitsland en Zwitserland nemen een mogelijke bedekking door (4840) Otaynang waar. Alleen de waarnemer uit Zeddam ziet een bedekking optreden van 1,2 s lang. UIt deze waarneming wordt de minimale grootte van Otaynang op 16 km berekend. De bedekking komt 15 s eerder dan berekend, en ook 80 km buiten het voorspelde schaduwpad. 20 april 2020 De kleine planetoïde (32259) 2000 OT53 zou een ster bedekken, en drie waarnemers proberen dat waar te nemen. Alleen vanuit Zeddam wordt een bedekking gezien van 1,3 s lang. Hieruit kan berekend worden dat 2000 OT53 minimaal 10 km groot moet zijn. 20 april 2020 Twaalf waarnemers uit heel Europa nemen omstreeks 02:06 UT een mogelijke bedekking waar door (56) Melete. Vier daarvan zien daadwerkelijk een bedekking optreden, ondermeer vanuit Zeddam (10,6 s). De waarnemer ziet daar de bedekking 15 s later dan berekend optreden, en ook nog 236 km vanaf de voorspelde centrale bedekkingslijn. Door de harde wind worden veel waarnemingen bemoeilijkt. De lichtcurve van Melete (blauw) met een referentiester. 19 april 2020. De planetoïde (139) Juewa zou om omstreeks 21:06 UT een ster bedekken, welke een stuk zwakker is dan de planetoïde zelf. Daardoor zou bij een eventuele bedekking de afzwakking minimaal zijn. Zeven waarnemers uit Nederland, Duitsland en België doen een waarneming en zes zien een daadwerkelijke bedekking optreden. Vanuit Arcen wordt een bedekking van 7 s gezien, vanuit Zeddam 5,6 s en vanuit Nijmegen 7,2 s. Uit de berekening volgt dat de planetoïde minstens 156 km groot moet zijn. De gemeten helderheidsafname tijdens de bedekking is 0,2 magnitude. De bedekkingskoorden van de verschillende waarnemers : 1. Eppstein bij Wiesbaden (D), 2. Zeddam, 3. Arcen, 4 Nijmegen, 6. Maastricht, 7.Luik (B). Puntjeslijn 5 is de berekende centrale lijn. 16 april 2020 Om 22:32:30 UT werd vanuit Nijmegen een bedekking van 1,32 s waargenomen door de planetoïde (6733) Chrisclark. Tien andere waarnemers verspreid over Europa namen Crisclark ook waar. Alleen een waarnemer in midden Engeland meende ook een bedekking te zien, maar hij werd wel gehinderd door lichte bewolking. Toch komt ook zijn waarneming goed overeen met de waarneming uit Nijmegen. Uit de berekening blijkt dat deze planetoïde minimaal 19 km (op één as) groot moet zijn. De bedekkingscurve van Chrisclark 15 januari 2020. Omstreeks 19:28 uur werd vanuit Zeddam een bedekking waargenomen van een magnitude 12,5 ster door (709) Fringilla. De bedekking duurde 5,2 seconden. De maximale bedekkingstijd zou 7,4 s zijn geweest en dat betekent dat de bedekking vanuit Zeddam niet zo ver van de rand van de planetoïde was. Dit wordt bevestigd doordat vanuit Nijmegen, zo’n 19 km verder van de bedekkingslijn t.o.v. Zeddam, geen bedekking werd waargenomen door de naar schatting 110 km grote planetoïde. Vanuit een plaats in de buurt van Le Grand Pressigne in midden Frankrijk werd ook een bedekking waargenomen van 3,9 s, helemaal op het randje dus. 15 december 2019. Om 19:53 uur UT was een bedekking voorspeld van de magnitude 13,2 ster UCAC4 677- 037611 door de planetoïde (7874) 1991BE. Het berekende schaduwpad, tussen de beide blauwe lijnen op de afbeelding hiernaast, liep hierbij over Sneek naar beneden richting Dordrecht. Vanuit Nijmegen werd echter een bedekking waargenomen. De waarschijnlijkheid van een bedekking in Nijmegen lag op 5%. Dat betekent dat de baan van 1991BE ruim 60 km in OZO richting is verschoven. De bedekking vond wel op het voorspelde tijdstip plaats, wat aangeeft dat de planetoïde niet ver voor of achter loopt ten opzichte van zijn berekende positie. Op de grafiek is de bedekking te zien in de gele lijn. De bedekking duurt bijna drie frames lang, bijna 0,9 seconde. De rode en de groene lijn zijn referentiesterren (grafiek gemaakt in het programma Tangra) 9 september 2019 Bedekking door (171) Ophelia. De sterbedekking door de planetoïde (171) Ophelia is op maar liefst drie Nederlandse waarneem stations waargenomen. Drie waarnemers op de Leidse Sterrenwacht doen de eerste waarneming van een sterbedekking aldaar. Ze gebruiken daarvoor de pas gerenoveerde 46 cm Cassegrain Coudé Zunderman telescoop. Ze zien daarbij een bedekking optreden van 7,68 seconden. Een waarnemer in Zeddam ziet met een 31 cm Newton telescoop een bedekking van 9,4 seconden. De opgenomen helderheids curve staat hieronder. Een waarnemer in Nijmegen ziet de langste bedekking optreden van de ster door Ophelia, maar liefst 10,36 seconden. Dat is langer dan de voorspelde maximale lengte, en dat betekent dus dat de planetoïde iets groter moet zijn dan eerst is aangenomen. Deze waarneming is gedaan met een 35 cm SC telescoop De gele lijn is de helderheid van de bedekte ster met de planetoïde, de rode lijn is een referentiester. Elk punt is een frame, 0,04 seconden lang. Op de horizontale as staat de tijd in UT, verticaal de flux (helderheid). De bedekking treedt negen seconden later op dan berekend, dus dat betekent dat Ophelia iets achter loopt in zijn baan. Ook is de baan omstreeks 50 km naar het noorden verschoven. In de bovenstaande figuur zijn de bedekkings koorden te zien. De waarneming uit Leiden is koorde 1, uit Zeddam koorde 4 en Nijmegen is koorde 2. De koordes 5 en 6 zijn van waarnemers uit Dourbes en Luik (B). Zij zien geen bedekking; de planetoïde gaat voor hun net langs de ster. Uit de waarnemingen is berekend dat de lange as van de planetoïde minimaal 142 km moet zijn, en de korte as omstreeks 85 km. Opmerkelijk is dat het silhouet niet overeenkomt met eerdere modellen. Kennelijk is Ophelia niet mooi ovaal. 19 augustus 2019 Bedekking door (754) Malabar. De planetoïde (754) Malabar zou een ster van magnitude 14,3 bedekken, een lichtzwakke ster dus. De helderheid van Malabar zelf zou volgens de berekening magnitude 14,2 bedragen. Negen waarnemers hebben geprobeerd de bedekking waar te nemen. Voor vier waarnemers was het bewolkt, één had technische problemen en twee waarnemers zagen geen bedekking. Twee waarnemers uit Dourbes (België) en Nijmegen zagen een bedekking van respectivelijk 7 en 6 seconden. Hieronder staat de bedekkingscurve zoals waargenomen vanuit Nijmegen: Op de horizontale X-as staat het frame nummer van de video en op de verticale Y-as de lichtflux.Er zijn 8 frames geïntegreerd, dus elke punt is 8 frames of 0,32 seconden. Op de grafiek staat de bedekte ster (geel) en twee vergelijkingssterren (rood en groen). Links een deel van de opname enkel seconden voordat de bedekking begint. Rechts van de gele streep staan Malabar en de ster, niet van elkaar te scheiden. De gecombineerde helderheid van Malabar en de ster is magnitude 13,5. De rechter opname is tijdens de bedekking. Nu is alleen Malabar te zien, de ster is bedekt. Tenslotte een opname precies 10 minuten na de bedekking met in de uitsnede een uitvergroting. Malabar heeft hier alweer afstand genomen van de ster, en staat hier rechtsonder van de ster. 12 juni 2019 Bedekking door (5053) Chladni. ‘s Avonds om 22:20 UT is vanuit Zeddam een bedekking waargenomen door de planetoïde (5053) Chladni. Waarnemers in Wijdenes (Noord Holland) en bij Luik (B) zagen niets. De bedekking duurde 1 seconde. Hieruit kan opgemaakt worden dat de baan van Chladni enkele tientallen kilometers zuidelijker loopt dan voorspeld, en dat het object een diameter moet hebben van minimaal 10 km. In de figuur is het voorspelde schaduwpad weergegeven tussen de twee blauwe lijnen. 13 mei 2019. Bedekking door (308) Polyxo. De bedekking van een 12,9 magnitude ster door (308) Polyxo is door verschillende waarnemers waargenomen. Negentien waarnemers hadden zich via PlanOccult hiervoor opgegegeven, maar uiteindelijk vijf hadden een heldere hemel. De bedekking werd waargenomen vanuit Wijdenes (11,2 s), Zeddam (10,9 s), Maastricht (10,2 s) en Luik (5,4 s). Voorlopig lijkt het erop dat de werkelijke bedekkings zone enkele tientallen kilometers zuidelijker lag dan de voorspelling. Het definitieve resultaat volgt nog. 15 april 2019 Bedekking door (4716) Urey vanuit Zeddam waargenomen. De planetoïde Urey zou op maandagavond 15 april de ster UCAC4 614-031564 van magnitude 10,6 bedekken. Urey heeft waarschijnlijk een diameter van 18 km. Volgens de voorspelling zou de bedekkingszone het meest waarschijnlijk over midden en noord Duitsland (Bremen) lopen. Echter de waarnemer uit Zeddam heeft toch de telescoop op de bewuste ster gericht, en zag tot zijn verbazing een sterbedekking optreden van 0,41 s om 20:59:49,55 UT. Dat betekent dat de werkelijke baan van Urey om de Zon een afwijking heeft van 218 km in ZW richting ten opzichte van de veronderstelde baan. Hieruit blijkt maar weer dat het altijd de moeite loont ook sterbedekkingen door planetoïden waar te nemen waarvan het schaduwpad verder weg ligt van de waarnemer. De banen van de meeste planetoïden zijn nog steeds slecht bekend. 27 februari 2019 Bedekking door (1796) Riga. De planetoïde Riga zou de ster UCAC4 447- 005458 van magnitude 13,4 kunnen bedekken. Maar het voorspelde schaduwpad liep slechts een klein stukje over Noord Nederland, en vooral over de Noordzee. Verder ging het schaduwpad over Engeland. Op de kaart is tussen de beide blauwe lijnen het voorspelde schaduwpad gelegen, en de groene lijn stelt de centrale lijn voor. De voorspelde maximum bedekkingstijd is 3,5 seconden. Vier waarnemers hebben de mogelijke bedekking kunnen waarnemen, één van uit Zeddam en drie van uit het zuiden van Engeland. De waarnemer uit Zeddam, welke 170 km ten zuiden van de centrale lijn zat, zag uiteindelijk tot zijn verrassing om 19:47:51 UT een bedekking van 3,5 s optreden, maar de drie waarnemers uit Engeland, welke dichtbij de centrale lijn zaten, zagen de planetoïde langs de ster gaan. Omdat de in Zeddam gemeten tijd van 3,5 s gelijk is aan de berekende maximale bedekkingstijd, mag aangenomen worden dat de centrale lijn over of dichtbij Zeddam heeft gelegen. Dat betekent dat de werkelijke baan van Riga een flink eind ten zuiden van de voorspelde baan ligt. Met deze waarneming is de baan van planetoïde weer iets nauwkeuriger bekend geworden. Op de bovenstaande grafiek is het helderheids verloop van de bedekte ster te zien, met in het midden de bedekking. Bedekking door (334) Chicago: Omstreeks 20:14 zou de planetoïde Chicago een ster van magnitude 11,8 bedekken. Maar liefst 35 waarnemers verspreid over heel Europa hebben geprobeerd deze bedekking waar te nemen. Voor veel waarnemers was de lucht bewolkt, maar 12 waarnemers hadden daar geen of weinig last van. Daarvan hebben er uiteindelijk 9 daadwerkelijk een bedekking zien optreden. De overige 3 waarnemers zaten buiten de bedekkingszone. In Nederland is de bedekking waargenomen vanuit Zeddam en Nijmegen, beide ruim 11 seconden lang. Verder is er een bedekking waargenomen vanuit Stracise (13 s) en Praag (10 s) in Tsjechië, Cottered, ten noorden van Londen (12 s), vanuit Londen zelf (9 s). Ook vanuit Duitsland, vlak over de grens bij Sittard (10 s) , en tenslotte uit Reading (5 s) en een plaatsje ten noorden van Reading (8 s), beide in de UK. Inmiddels zijn de eerste resultaten bekend, berekend door E Frappa. Op de onderstaande afbeelding zijn de verschillende koordes te zien van de waarnemers welke hun resultaten tot nu toe ingestuurd hebben. Koorde 2 geeft de voorspelde centrale lijn weer van de schaduw van de planetoïde op Aarde. De overige koordes 1 t/m 10 zijn de bedekkingslijnen zoals vastgelegd door de waarnemers, hier rechts weergegeven. De waarnemers van de koordes 11 en 12 hebben geen bedekking gezien; vanuit hun waarneem plaats gezien ging Chicago net langs de ster. Ook lijkt de baan van Chicago enkele kilometers zuidelijk van de voorspelde baan te lopen, nl. het verschil tussen koorde 3 en het centrum op het snijpunt van de assen. In de tabel rechts is de “Best Fit” van de waarnemingen weergegeven. Hieruit blijkt dat Chiago enigszins ovaal is met een lange as (grootste doorsnede) van ruim 198 km en een korte as (kleinste doorsnede) van